Marathon #6: de marathon van Amersfoort

20190616_095827Goed uitgerust en in goed humeur sta ik deze zondagochtend op de Eemkade in Amersfoort. Over een half uur gaat de marathon van Amersfoort van start. De avond ervoor heb ik bij schoonzusje Marinke en zwager Leander in Leusden een heerlijke pasta met tonijn gekregen en relaxed bijgekletst. Ik lag erop tijd in en ik sliep door Jims gepruttel en gehuil heen. Het zonnetje schijnt (maar niet teveel), kinderen met rode gezichten finishen hun 1 km-loop en ouders juichen trots. Ik ga er zelf ook van glimlachen – op vaderdag ben ik nog gevoeliger voor kindervreugde dan anders. Ik krijg er steeds meer zin in!

Die mentale gesteldheid kwam niet zomaar. De afgelopen zes weken had ik het erg druk. Veel lopende projecten en nieuwe mensen op het werk, artikelen schrijven voor het buurtkrantje, subsidies regelen voor het buurtfeest en vergaderingen van diverse commissies. “Moet je weer op woensdag werken?” vroegen de meiden ieder woensdag. En: “Heb je vanavond weer een vergadering?” Tussendoor ook nog eens kijken bij mijn hockeyende dochters en lief zijn voor mijn meisje. Druk in mijn agenda en druk in hoofd. De Amersfoortse media benaderen over #12marathons is er dan ook bij ingeschoten. Geen puf.

Bovendien moest ik tijd maken om verantwoord te trainen. Gelukkig had ik zes weken de tijd tussen marathon 5 en 6 in. Dat was voldoende om de enkel weer wat te laten herstellen, duur- en intervaltrainingen te doen en zelfs een wedstrijdje mee te pikken. De Stationsloop van Ommen naar Dalfsen moest ik weliswaar zonder loopmaatje Arnold doen, maar de 10 mijl vlogen soepel onder mijn voeten door. Ook deed ik een paar ochtenden in de week core stability-oefeningen. Die leken me nodig om te voorkomen dat ik tijdens de wedstrijd pijn in mijn heupen zou krijgen. Hoewel mijn geest op het randje van uitputting hing, stond mijn lichaam er beter voor dan eerder. Even leek mijn enkel, tijdens een heftige trainingsloop op maandag, roet in het eten te gooien, maar in de dagen daarna herstelde de boel. Op het nippertje klaar voor nummer 6.

Met een middeleeuws kanon worden we weggeknald: de marathonlopers met geel nummer, de halvemarathonlopers met blauw nummer. Net als in Enschede staan twee rondjes van 21 km op het programma. Vanaf de Eemkade zetten we koers naar een lang fietspad langs de Eem. Het is dringen geblazen, her en der krijgen atleten een onbedoeld duwtje of gerichte por. Samen hardlopen is leuk, maar dan moet je elkaar wel de ruimte geven. Inhalen op het fietspas is lastig. De andere lopers jutten me op om sneller te starten dan voorzien.

Na vijf kilometer langs het water draaien we de polder in. Het is weelderig groen om me heen. De natuur steekt prachtig af tegen de blauwe lucht en de beentjes voelen goed. Om de 3 kilometer staat een waterpost, zodat wij lopers het niet te warm krijgen. Na een kilometer of 10 lopen we weer de bewoonde wereld in: eerst aan de ene kant van de N791, na een tunneltje aan de andere kant van deze drukke weg. De rust maakt plaats voor drukte. Jammer. Van natuurmarathon wordt het opeens een stadsmarathon. Kruisingen, veel bochten, soms oneffen ondergrond en drempels – als een slang krioelen we door de binnenstad. Hé, daar staat Bas! Hij is vanuit Utrecht naar Amersfoort gefietst en zal de rest van de route proberen met me mee te rijden. Vooral in de stad is dat niet makkelijk, want de verkeersregelaars willen hem steeds van het parcours hebben. Bas doet of hij ze niet hoort. Vlak voordat we voor de Eenhaven zijn, hoor ik opeens: “Hup, Koen!” Marinke, Leander en Jim moedigen me hartstochtelijk aan. Via het spoor en de singels komen we weer bij de Eemhaven. Negentig procent van de deelnemers slaat linksaf naar de finish, een handvol deelnemers gaat rechtdoor voor een tweede ronde.

Screenshot_20190618-205242_Video PlayerNet als in Enschede (marathon 4) is het parcours opeens zo goed als leeg. Toen liep de eerste kilometer over een vierbaans weg met busbaan in het midden, zodat je je echt verloren waande tussen het asfalt. Nu op het fietspad voelt het wat minder verlaten. Maar het contrast tussen ronde 1 en 2 blijft pregnant. Ik heb er nog goed de pas in en haal iedere kilometer wel een loper in. Ik zal nog heel wat gele nummers voorbij schieten, terwijl alleen twee paarse nummers van de estafetteloop mijn inhalen. Langs de Eem steek ik een loper in berenpak voorbij. Die moet het warm hebben! Ik zie hem pas terug aan de finish: hij komt uit Engeland en haalt het op zijn tandvlees.

Als we weer bijna in de bewoonde wereld komen, krijg ik het wat zwaarder. Een kilometer lang loop ik over oneffen klinkertjes en zegt mijn heup dat hij dit niet leuk vindt. Manmoedig ren ik door. Waar ik bij de drankposten eerst strak doorliep, neem ik nu een paar seconden drinkpauze. Het publiek heeft inmiddels de terrasjes opgezocht, veel kijkers zijn er niet meer over. Gelukkig heb ik Bas nog. Hij heeft een bidon water bij zich, die ik af en toe nodig heb om af te koelen, nu de zon steeds sterker begint te schijnen. In de laatste kilometers geeft hij me ook nog een stukje banaan. Die kan ik goed gebruiken. Ik merk dat ik onderweg te weinig gegeten heb. Eén gelletje en één Snelle Jelle, daar loop je geen marathon op. De paar slokken sportdrank die ik bij de waterposten neem, blijken onvoldoende compensatie.

screenshot_20190618-205244_video-player.jpgGelukkig ben ik er bijna. Mijn tempo is wat gezakt, maar is nog steeds aardig op orde. Ik klos over de singels en zie de laatste bocht al liggen. In plaats van rechtdoor mag ik nu rechtsaf naar de finish. Daar staat het publiek wel rijen dik. Energie voor een eindsprint heb ik niet meer, maar ik hef nog wel mijn armen de lucht in om het publiek aan het juichen te brengen. Na 3.45.44 uur kom ik over de streep. 53ste van de 161 deelnemers. Mijn Strava zegt later 3.43.30, dus ik weet niet precies wie ik moet geloven. Maar ach, ik ben weer binnen! Samen met Bas eet ik in het zonnetje een kwarkje van de sponsor en een dikke milkshake aardbeien. Die heb ik wel verdiend.

Mijn missie is op de helft. Met mijn 6 marathons heb ik tot vandaag 2770,58 euro binnengelopen voor Merels Wereld en Alzheimer Nederland. Dank jullie wel allemaal, gulle donateurs! Wat gaaf dat het al zoveel is. “Iedere marathon geef ik je één euro meer,” vertelde vriend Robert me gisteren op zijn oprit. Dus ga ik ervan uit dat dit bedrag minimaal verdubbeld zal zijn aan het einde van de rit. Help je nog mee? Elke euro om Alzheimer en longkanker de wereld uit te helpen is er één en wordt zeer gewaardeerd. Ik beloof dat ik enorm mijn best zal blijven doen.

 

 

 

 

 

 

Advertenties

6 marathons, 6 maanden, na 6 weken rust

20190615_202555.jpgNa die 5 marathons snakte ik naar wat rust. Die 5 waren omgevlogen, maar hadden wel een turbulente tijd tot gevolg. Hoe combineer je bijvoorbeeld al die marathons met werk, kinderen, vriendin, buurtkrant maken, buurtfeest organiseren en af en toe ontspannen? Ik had soms het gevoel dat ik 2 levens tegelijk leefde. En hoe houd je je lichaam fit met al die activiteiten, dat vele rennen, het nog niet ideale sportgewicht en een wrakke enkel? Ik had echt effe tijd nodig om alles op een rijtje te zetten.

Die rusttijd kreeg ik: 6 weken tussen Lelystad en Amersfoort. Tijd om te bezinnen – en om all of the above toch gewoon te blijven doen. De 12 marathons-excercitie is zwaarder dan ik dacht, zo blijkt. In mijn overmoed dacht ik dit wel even te fixen. Zo makkelijk is het dus niet. Lichaam en geest gaan duidelijk in stretch mode. Lopen buiten de comfort zone.

Of ik te ver gestretchd ben of sterker uit de strijd ben gekomen? Morgen gaan jullie het zien. Twee rondjes van 21,1 km door Amersfoort vormen mijn 6e marathon. Het wordt prima weer en ik heb er zin in. Hier op de bank bij Marinke en Leander (In Leusden,  om de hoek) voel ik de kracht door mijn benen stromen.

Wil je me live en direct volgen? Download dan de Marathon Amersfoort App. Die biedt live tracking! Ik heb nummer 74.

Zo snel mogelijk na de wedstrijd volgt een verslag!

 

#12marathons #5: Four seasons in one day

Een natuurmarathon in Flevoland, het lijkt een contradicio in terminis. De jongste provincie van Nederland heeft toch geen fraaie oude natuur? En de beruchte Oostvaarderplassen zijn toch verworden tot een dorre steppe?

20190504-12243400112Niets is minder waar. In vier uur tijd maak ik vier jaargetijden mee. Eerst een herfstige windkracht 5, daarna de lentepracht van de Flevolandse natuur, tussendoor een winterse hagelbui en de laatste kilometers een stralend zomers zonnetje. Nooit geweten dat de natuur van Flevoland zo mooi kan zijn. Mijn vijfde marathon, de Rietveld natuurmarathon in Flevoland, zit erop. Weer was ik een beetje sneller dan de vorige keer – en weer was ik een beetje kapotter aan de finish.

Harde wind
Het uitzicht op het IJsselmeer is onheilspellend als een groep van ongeveer 70 lopers zich verzamelt zich in de kantine van watersportvereniging Het Bovenwater in Lelystad. Dikke druppels op de ramen, witte koppen op het water door de harde wind. 20 Sololopers en 25 teams van twee personen (en 25 fietsen) gaan vandaag de Oostvaardersplassen rond. Jan Rietveld, de bedenker van de natuurmarathon, heet ons welkom en draagt vanwege Dodenherdenking een mooi zelfgeschreven gedicht voor. De speaker noemt zelf nog mijn 12marathons-initiatief!

route

We gaan van start! De eerste 10 meter loop ik zelfs op kop, daarna neemt een loper die de weg beter kent de eerste positie over. Na een kort rondje door een lokaal bosje draaien we de Knardijk op. Die ken ik nog van de triathlon van Almere. Toen raasde ik met de wind mee van west naar oost. Nu loop ik in tegenovergestelde richting en beukt de wind hard op kop. Pittig! Twee kilometer later sla ik linksaf de Oostvaardersdijk op. Voor me ligt 12 kilometer dijk richting Almere. Het is niet alleen mentaal zwaar om zo lang zonder enige afwisseling te lopen, maar de zijwind maakt het nog lastiger. Gelukkig posteert meefietser Roelof zich rechts van me en vangt hij de meeste wind op. Hij hangt helemaal schuin! Rechts zien we de golven over de kade klotsen, links kijken we uit over de kale Oostvaarderplassen.

In het groen
Na 15 km stopt de leegte en wordt het groen. Ik sla linksaf de weelderige groenstrook  tussen de Oostvaarderplassen en Almere op. Tot aan de finish loop ik nu in de natuur. Nooit gedacht dat het hier zo mooi zou zijn. Tussen het koolzaad en de ontluikende struikjes door vang ik regelmatig een glimp op van het rimpelende water. Flevoland staat in bloei. Af en toe vliegen de ganzen en eenden over. De wind staat in de rug en Roelof en John geven me desgewenst een hapje of een drankje aan. Wat een luxe!

Ik haal een dame in die al 15 km voor me loopt. Ze vertelt me dat ze al 19 marathons heeft gelopen en ook alle provincies aandoet. Ze moet alleen Groningen nog. Ze wenst me veel succes: “Ik zie je bij de finish.” Nog eens 10 km later haalt ze mij weer in. “Ik moet van mijn coach versnellen!” verklaart ze. Ik zie haar inderdaad pas bij de finish terug.

Uit mijn ritme
Jan RietveldNa 30 km komt Jan Rietveld himself naast me fietsen. Op zijn racefiets haalt hij alle lopers in en maakt met iedereen een praatje. Waar vind je nog zoveel hartelijkheid en medeleven. “Straks sla je linksaf, dan loop je echt langs de Oostvaarderplassen”, kondigt hij aan. En ja, daar moet ik het fietspad af en een grasstrookje op. Een paadje kun je dit nauwelijks noemen. O jee, dit vindt mijn enkel niet leuk. Ik voel meteen dat ik minder stabiel sta en ben bang om me te verstappen. Precies op dat moment stort de hagel op ons neer. De hemel loost zich in medium-sized stenen. Langer dan 2 minuten duurt het niet en ik vind het eigenlijk wel verfrissend.

Weer terug op het fietspad merk ik dat ik helemaal uit mijn ritme ben. Door korte stukje oneffen ondergrond hebben mijn stabiliteitsspiertjes veel te verduren gehad. Mijn heupen doen pijn en ik begin wat houteriger te lopen. “Kruin naar de hemel!” praat ik mezelf toe, maar helemaal goed komt het niet meer. De laatste 10 km is het aftellen. De natuur blijft prachtig – ik loop nu door een volwassen bos – maar ik heb er weinig ook meer voor. Andere lopers hebben het nog moeilijker, want ik haal er nog twee in. De duolopers komen mij weer voorbij. Zij zijn een half uur later gestart en hebben de achterstand inmiddels goedgemaakt. Eén duo loopt op lekker dancemuziek: detonerend in de natuur, maar extra energie voor de hardloper.

Ah, deze weg ken ik! We steken de Buizerdweg over, die ken ik nog van toen ik hierheen ben gereden. Nu is het niet ver meer. Maar in plaats van rechtdoor over de weg naar de finish moet ik nog een stuk linksaf door het bos. Weer oneffen terrein, weer een aanslag op mijn heupen. Auw! Als ik er bijna denk te zijn, ligt er een rood-wit lint op de grond gespannen. Moet ik hier nu  rechtdoor of links? Geen enkele aanwijzing te bekennen. Ik ga rechtdoor, maar keer even later op mijn schreden terug. Dit kan niet goed zijn. Als ik de andere kan op ben gerend, zie ik opeens een bordje ‘Nog 250 meter’. Verlossing is nabij! Ik zie het publiek al applaudisseren. Met gejuich word ik binnengehaald. EIndtijd 3.44:06, weer ietsje sneller dan vorige keer. Marathon #5 is achter de rug!

Erehaag
Onder het genot van een kippensoep en heerlijke broodjes kom ik in de kantine bij van de inspanning. De lopers en begeleiders kletsen volop met elkaar. Meer lopers blijken problemen gehad te hebben met de route van de laatste kilometers, er doen wel 4 varianten de ronde. Als ik goed en wel bijgekomen ben, komt Jan binnen: “De laatste lopers komen eraan, komt iedereen ze even toejuichen?” Een dikke erehaag staat klaar als de nummer laatst over de streep komt. Ze lacht van oor tot oor. Zoveel saamhorigheid en gezelligheid: typisch voor deze kleine, fijne marathon.

foto natuurmarathonDank, sponsors en fans, voor jullie gulle giften en bemoedigende woorden. Ik waardeer het zeer!
Dank, begeleiders John en Roelof, voor het meefietsen, de catering en het gezelschap
En dank, Jan en mede-organisatoren, voor deze prachtige ‘4 seasons in one day’-marathon. Veel succes met jullie ROPA run in juni. En lezers, mocht je nog meer goede doelen willen steunen, steun hen!

De route op Strava: https://www.strava.com/activities/2341527603

Trainingskamp Mallorca

Drie weken zit er tussen de marathons van april en mei – aanstaande zaterdag start ik in Lelystad voor de Rietvelt Natuurmarathon. Met een weekje herstellen van de 4e marathon en een weekje taperen voorafgaand aan de 5e marathon resteert feitelijk slechts één week om echt te trainen. En laten Simone, Nynke, Eline en ik dan op Mallorca zitten! Alle tijd voor een trainingskamp dus.
Eerst een disclaimer: mijn enkel is nog zeker niet de oude. Ik kan er rechtdoor mee lopen, maar draaien en keren is nog pijnlijk. Laat staan dat ik een potje van voetballen. “Oppassen met het zand op het strand”, waarschuwt fysio Roelof nog. “Nog een onverharde stukjes. En laat je vriendin je enkel goed intapen voor wat extra stabiliteit.”

Trainingsprogramma
20190426_213322Op Goede Vrijdag fiets ik nog twee uur relaxed door de Onlanden voordat we vertrekken naar Mallorca (vanaf Weeze, aanrader!) In Nederland is het zomers zonnog, in Mallorca bewolkt. Wat een domper. Gelukkig wordt het elke dag een beetje beter. Zaterdag en paaszondag is het nog grijs, vanaf maandag schijnt de zon weer. Mijn meiden gunnen me bijna elke dag een moment om te trainen:

  • zaterdag een uurtje dwalen door Cala d’Or, van baaitje naar baaitje, langs resorts, kerken en dwars door winkelgebied . Rustig doorlopen met af en toe een versnelling tegen een heuveltje op.
  • 20190423_122454.jpgmaandag een fikse fietstocht door het achterland, met als hoogtepunt drie beklimmingen van de San Salvatore, een klooster bovenop een bergtop. Vijf kilometer lang in haarspeldbochten omhoog tegen 7% stijging, voorwaar een fikse klus. Bovenop de berg is het druk met tientallen andere fietsers. Tot mijn grote verbazing hangt in het klooster een ingelijst wielershirt met regenboogbanen erop. Ze zijn van de kalende Guillermmo Timoner Obrador die tussen 1955 en 1965 maar liefst 5 keer wereldkampioen “stayeren” werd. Als ik bij de fietsverhuur trots vertel dat ik 3 keer omhoog ben gereden, reageert hij nuchter: “Chris Froome reed er vorig jaar 12 keer op.”
  • Woensdag zwerf ik hardlopend naar het oosten en vind een fraai verlaten baaitje. Prachtig! De laatste kilometer loopt over een onverhard pad en ik moet van steen naar steen hoppen. Oppassen dus. Mijn enkel houdt het prima.
  • Donderdag voel ik me zelfs fit genoeg voor mijn eerste intervaltraining in zeven weken. Zes keer vijf minuten hard doorlopen met twee minuten rust ertussen. De laatste intervallen gaan bergaf en knal ik op volle snelheid naar beneden. Ook dat vindt mijn enkel geen probleem.
  • En alle baantjes zwemmen, kinderen in het water gooien en potjes beachballen mogen ook niet onvermeld blijven. Leuk, lekker en weer eens wat andere beweging dan eenparig rechtlijnig voortbewegen.

Deze week nog een paar rustige trainingen en dan ga ik zaterdag weer los. Veel weet ik niet van de Rietveld Natuurmarathon. Een parcours is niet te vinden op internet, alleen een filmpje van 9 jaar geleden. Zo te zien loop ik vooral over fietspaden om het Oostvaarderplassen heen. We gaan het meemaken!

20190423_142448

#12marathons #4: het mirakel van Enschede

20190414_141628Het is gelukt! Het wonder is geschied! Ondanks een brakke enkel en een maand niet trainen heb ik de Enschede Marathon volbracht. Geen centje pijn gaf mijn enkel. Zelfs geen zwelling achteraf. Alleen een fikse dosis spierpijn. Overijssel mag worden afgestreept. Marathon #4 van de 12 is ook volbracht.

Vier weken lang heb ik tegen deze marathon opgezien. Na de Heuvelland Marathon is mijn enkel zo blauw en de zwelling zo dik dat er van lopen überhaupt geen sprake is. Hoe kan ik in vredesnaam over 4 weken weer 42 kilometer rennen? “Het kan  best”, blijft fysio Roelof echter zeggen. Hij wrijft en wrikt, plakt meters tape op het gewricht en laat me oefeningen doen met zijn beroemde loopladder. (Wist je dat Roelof de loopladder in Nederland heeft geïntroduceerd? Prachtig verhaal.) De eerste week mag ik niet bewegen, de tweede week alleen fietsen op de stadsfiets, in week drie weer op de mountainbike en in de laatste week ook weer rennen. 17 kilometer loop ik in 4 weken. Meer niet. En nu de marathon volbrengen? In de verdienstelijke tijd van 3.49.35? Hoe kan dit lichaam zoveel veerkracht hebben?

Kort, lang, kort, lang
Ik moet de ruiten krabben als ik uit Groningen vertrek, zo koud is het vanochtend. Mijn hardloopkleren heb ik al aan: lange broek, lang shirt, Alzheimershirt eroverheen. In Enschede slaat de twijfel toe. De zon schijnt al zo lekker, het gaat vast warm worden. Toch maar een korte broek aan. Om mijn rechterenkel doe ik een veterbrace, een soort korset die van halverwege de voet tot boven de enkel loopt. De banden die daar weer omheen lopen, trek ik lekker strak aan. Straffe ondersteuning voor mijn gekwelde gewricht.

20190414_093312Met duizenden tegelijk gaan de halve- en helemarathonlopers van start. In de haag van toeschouwers tref ik zowaar mijn vader aan. In kolonne gaat het over de busbaan richting Glanerbrug. Van de tegenwind merk ik niks. Ik loop relaxed mee in de menigte en ga veel sneller dan ik vooraf had bedacht. Mijn enkel protesteert niet, dus geen reden om vaart te minderen. De koplopers hebben het keerpunt al gehad en sprinten me tegemoet. Zoef!

Na een paar bochten komen we in het groen. Ik prijs mezelf gelukkig: strakblauwe lucht, grazige groene weiden en een lichaam dat vol energie zit. Wat fijn dat ik weer zo kan lopen. In Lonneker is het helemaal feest. Zingende en dansende mensen in de schaduw van de Lonnekermolen, een terras vol toeschouwers die de koffie en appeltaart voor de neus hebben. Ieder kind die wil, geef ik een high five. Ik geniet!

 

Verlaten
Halverwege passeren we start en finish. De lopers van de halve marathon persen er nog een sprintje uit en slaan rechtsaf, ik ga rechtdoor voor de tweede ronde. Opeens lijkt het alsof de stad leeg is. Geen toeschouwers meer, een handjevol runners op een verder verlaten busbaan, geen orkestjes en DJ’s meer. Saai eigenlijk zo. Wat een eind is het toch. Mijn kilometertijden zakken in. Mijn heupen beginnen op te spelen.

Pas als ik het eerste bandje gepasseerd ben, krijg ik de smaak weer te pakken. Op de Esmarkerrondweg loopt het even naar beneden, lekker vaart maken. Mijn kilometertijden gaan weer crescendo. Bruggetje over, rechtsaf en weer het groen in. Ik begin het gerieflijk warm te krijgen. In Lonneker is het terras inmiddels aan het bier. Iets verderop slaan we rechtsaf een bosweg in. Wat een prachtige route is het toch. En daar haal ik zomaar de twee mannen in die me bij het begin van de tweede ronde wreed passeerden. Mijn vader heeft me achterhaald en fietst weer met me mee. Hé, daar duikt mijn broer ook op de fiets op. Gezelligheid.

Blijven rennen
Wat ik net nog kon onderdrukken, dringt nu langzaam mijn lichaam in. Vermoeidheid. Mijn benen lopen vol en voelen steeds zwaarder aan. Waar ik eerst nog energie in mijn borstkas voelde, daar lijkt nu een lege holte te zitten. En ik moet nog 10 km. Bij de waterpost op het universiteitsterrein sta ik mezelf 10 seconden rust toe. Kom, Koen, blijven rennen. Ik passeer de Grolsch Veste, het stadion van FC Twente, en draai een breed fietspad op. ‘F35, beste fietssnelweg van Nederland’, staat op zijn kop op het asfalt. Nou, niet voor hardlopers. De wind staat pal tegen en er lijkt geen einde aan de weg te komen. Diepe vermoeidheid overvalt me. Vanaf hun bankje knikken twee bejaarden me vriendelijk toe.

bazu-20614080Niet de moed laten zakken nu! Andere atleten lijken het nog moeilijker te hebben. Iedere 5 minuten haal ik stilstaande lopers in. Mijn conditie mag dan afgekalfd zijn, hij is nog steeds beter dan die van hen. Daar mag ik de bocht om. Nog iets verder loop ik een grazig parkje in en stap dan het parcours van de eerste ronde op. Deze weg ken ik. Nog maar een klein stukje. Als we onder het spoor door gaan, haal ik de dame in die ik al 10 km in de rug kijk. Nog een paar hobbelige straatjes in het stadshart. Hier staat het publiek weer rijen dik. Nog even aanzetten bij de Oude Markt en daar is de finish! 3.52.33 staat op de klok, later gecorrigeerd tot 3.49.35 uur.

Hamburger
Met een hamburger (mijn vader en ik) en mango (broer Bas) zitten we op een bierbank in het zonnetje. Om ons heen strompelen lopers voorbij met een medaille om hun nek. Nog meer helden die het geflikt hebben. Blijkbaar is mijn basisconditie voldoende om zo’n prestatie aan te kunnen, concluderen we. Dat had ik niet gedacht. Over 3 weken mag ik weer aan de bak: de Rietvelt Natuurmarathon. Geen vlak stratenparcours, maar een afwisseling van fietspaden en bosweggetjes. Om die oneffenheden te kunnen verdragen, moet mijn enkel wel iets beter zijn dan nu. Op naar Lelystad voor deel 5 van mijn missie voor Alzheimer en Merels Wereld.

Gulle gevers, lokale media, fysio Roelof, fan Roelof (die er voor deze ene keer niet bij was) en natuurlijk John en Bas: dankjewel voor alle steun!

Groen licht :-)

Dinsdag gaf mijn fysio groen licht: mijn enkel is voldoende hersteld om een marathon te kunnen lopen. Dus ik mag weer los! Net op tijd hersteld om zondag de Enschede Marathon te lopen. Dank jullie wel voor alle beterschapswensen, het urenlange duimen en nog veel meer!

Niet dat mijn enkel weer 100% is. Verre van dat. In rust voel ik hem zitten. Bij zijwaartse bewegingen schiet er een minischeutje pijn naar mijn hersenen. En na 2,5 uur fietsen zeurt ‘ie. Het scheurtje is nog niet genezen, zoveel is duidelijk. Maar 4 uur rechtdoor lopen, dat zou mijn enkel aan moeten kunnen. Dankjewel, Roelof van Sportrevalidatie Groningen.

Ik beloof jullie plechtig dat ik zuinig zal zijn op mijn enkel. Zondag pak ik hem goed in. Het eerste laagje tape zit er al om en vlak voor de wedstrijd komt daar ook nog een veterbrace overheen, een soort korset voor mijn voet. Ik zal niet te hard lopen en goed oppassen dat ik niet op oneffen oppervlakten stap. En als het niet gaat, stap ik halverwege uit. Beloofd.

Ondertussen begint Twente ook op de hoogte te raken van #12marathons. Vandaag ben ik te horen op het radiostation van 1Twente. En deze week viel ik in de stad huis-aan-huis op de deurmat. Als er ook maar één lezer een donatie overmaakt op  NL53ABNA0836864778, dan is al die PR de moeite waard. Ik heb er zin in!

ffdopnpmdibmlplj

Revalidatie, mijn dertiende marathon

Dat had ik niet gedacht. Al bijna 3 weken loop ik niet hard. Zelfs in rust voel ik dat het onrustig is in mijn enkel. En dagelijks duw ik een bakje met diepgevroren spaghetti tegen mijn enkel om het herstel te bevorderen. Nooit gedacht dat ik de voorbereiding op de marathon van Enschede zo zou beginnen.
Op zwakke momenten heb ik er  een hard hoofd in dat mijn enkel op 14 april voldoende hersteld zal zijn. In dat geval moet ik mijn #12marathon-missie staken. Dat kan toch niet? Wat me op de been houdt is de positiviteit van mijn fysiotherapeut. Bij ieder consult vraag ik Roelof of het nog haalbaar is om op 14 april een marathon te lopen. Iedere keer zegt hij dat het kan. Niet dat het 100% zeker is, maar wel dat het kan. Daar klamp ik me nu maar aan vast.

EnkelIs het dan zo erg?
Ja, dat is het. In het vorige verslag schreef ik al dat mijn enkel bij terugkeer uit Maastricht anderhalf keer zo dik was en flink pijn deed. Maandagochtend zat ik met mijn dikke enkel al bij de huisarts. Niet gebroken, stelde hij vast, maar voor het gewenste snelle herstel had ik wel een goede fysio nodig. Die heb ik met mijn Simone natuurlijk zelf in huis. Maar ze wilde ze me niet behandelen (“Ik kan tapen, zwachtelen en masseren, maar kan geen herstelplan voor je maken”). Wel wees ze me op Roelof Boekema van Groningen Sportrevalidatie, gespecialiseerd in de begeleiding van sporters. Hem zie ik nu twee keer per week.

Geen toverwerk
Bij onze eerst ontmoeting bevoelde hij mijn enkel, duwde zo hard op de pijnlijke plek dat ik door het dak ging en keek toen peinzend voor zich uit. Vervolgens declameerde hij vier vette disclaimers, die erop neer komen dat ik geen toverwerk van hem mag verwachten.

  1. “Hoewel de ernst van de schade nog niet vast te stellen is, heb je band- en kapselletsel. Die blauwe kleur komt door bloed, dus moet er iets kapot zijn.”
  2. “Bij gewone mensen duurt het herstel 6 tot 8 weken. Houd er rekening mee dat je die 4 weken niet haalt.”
  3. “Als je te snel begint, loop je kans op ontstekingen. En dat wil je niet.”
  4. “En als er toevallig toch een stukje bot ergens rondzweeft, ben je nog verder van huis.”

Daarna bracht hij het goede nieuws. Ondanks 21 km doorlopen op een verrotte enkel, zag die er niet eens zo slecht uit. De beweeglijkheid was relatief goed. De rek in de banden was, vergeleken met de andere enkel, maar beperkt. En mijn goede conditie zou het herstel vast bevorderen. Mij in 4 weken klaarstomen voor de marathon was niet onhaalbaar!
Week 1 van mijn revalidatie was goed te doen. Ik had zoveel last van de enkel, dat ik niet peinsde over bewegen. Ik accepteerde mijn lot gelaten.
Week 2 was een verschrikking. Niet sporten was de hel. Door het gebrek aan endorfines kreeg ik afkickverschijnselen. Ik werd chagrijnig en kortaf. ’s Avonds viel ik lamlendig in slaap op de bank en stond alleen op om koekjes te pakken. ’s Ochtends was ik nog chagrijniger omdat ik te weinig geslapen had en mijn pens zag groeien. Mijn mentale weerbaarheid was naar het nulpunt gedaald.
Week 3 is de week van glorende hoop. Maandag heb ik voor het eerst weer gemountainbiked en dat voelde heerlijk. Gisteren was fysio Roelof wederop positief. En straks stap ik weer op mijn fietsje. Lopen zit er nog niet in, maar bewegen mag weer. De endorfines stromen weer.
Week 4 wordt de week van de waarheid. Dan mag ik weer mijn eerste stappen rennen. Dan zal ik merken of mijn enkelbanden die loopbelasting aan kunnen.

Dertiende marathon
Als slotstuk van die vierde week meld ik me op het Hendrik Jan van Heekplein voor de Marathon van Enschede. Hopelijk met een enkel die het 42 km en 195 meter volhoudt. En niet zo gesloopt is dat hij 3 weken later weer een marathon aan kan. Dan heb ik mijn dertiende marathon, die van 4 weken revalidatie, erop zitten. Misschien is dat nog wel de zwaarste van allemaal!

Blijven jullie voor me duimen?

P.S. Na de 19e april is er geen andere marathon meer in Nederland. Uitstel is dus onmogelijk…