#12marathons #10: Kustmarathon

20191005_102748Met angst en beven had ik opgekeken naar de marathon van Zeeland. De Kustmarathon staat bekend als de mooiste, maar ook de zwaarste van Nederland. Meestal staat een gure zuidwestenwind pal tegen, striemt de regen in je gezicht en is de ondergrond van zand en duinen loodzwaar. Zo’n loopopgave een week na de vorige marathon, met een lichaam dat nog nauwelijks hersteld is… Dat wordt een helletocht.

Maar ik blijk enorm veel geluk te hebben. De wind staat schuin in de rug. Het is laag water zodat er een flinke reep hard strand is om op te lopen. En het blijft de hele dag droog. Sterker nog: met 12 graden en een bleek zonnetje is het ideaal loopweer. Tel daarbij op dat mijn lichaam best goed aanvoelt en ik sta vol verwachting aan de start.

Vrijdag zijn Roelof en ik al door de stromende regen naar Vlissingen gereden en gastvrij ontvangen in ons Vrienden van de Fiets-huisje. Gastvrouwe Boukje brengt bijna dagelijks langeafstandfietsers en –lopers onder. Ze vertelt mooie verhalen over haar eigen fietsavonturen en trakteert op pepernoten en dropjes. Haar boekenkasten staat vol fiets- en loopliteratuur. ’s Ochtends heeft ze voor ons een goede bak yoghurt met banaan en muesli. Een topontbijt voor een sporter.

20191005_093132Terwijl Roelof op zoek gaat naar een wasstraat (wil je weten waarom? Lees dan eerste de laatste alinea’s), stap ik in Zoutelande in de bus die de lopers naar de start in Burgh-Haamstede brengt. Het knusse dorp is omgetoverd tot feestterrein met Zeeuwse vlaggetjes en fanfare-orkestjes, start/finish van de mountainbiketocht en vele toeschouwers. In de sporthal waar we wachten tot onze start is het zo druk dat ik maar ga liggen in het kinderspeelkasteel. Vlak voor de start vind ik in de mensenmenigte mijn vader en Geertje, die me komen aanmoedigen. Leuk dat zij er ook zijn.

 

We houden een minuut stilte voor de bedenker en organisator van de Kustmarathon, Lien Lieverse, die dit jaar is overleden…

20191005-120002-00728… en gaan dan met 2000 atleten van start! Het is dringen door de smalle straatjes van Burgh en het weggetje dat naar de Oosterschelde loopt. Daar slaan we rechtsaf het fietspad parallel aan het water op. Even haak ik aan de bij pacers van 3.45 uur, maar na een plasje moet ik hen laten gaan. Vooralsnog loopt het heerlijk. Twee kilometer verder draaien we de Grevelingendam op, het meest prominente deel van de Stormvloedkering van Zeeland. Ik installeer me achter de brede rug van twee medelopers en schuil voor de sterke zijwind. Om ons heen slechts asfalt, beton en zee. Ik geloof meteen dat dit bouwwerk bij sterke storm ons land goed beschermt. Bij Neeltje Jans dalen we de dam af en lopen een paar meter lager verder aan de luwkant van de dam, verscholen voor de wind. Ik geniet van het uitzicht op zee.

Na een kilometer of 15 bereiken we het vasteland weer en snellen in westelijke richting tussen de lage struikjes door de duinen. Onze voeten genieten van de laatste paar kilometer asfalt. Tot zover het makkelijke gedeelte van de route! Vlak voor het 20 km-punt leidt de route rechtsaf het strand op. We hebben geluk dat de strandtenteigenaar een serie houten vlonders heeft neergelegd, zodat we nog niet door het zand hoeven. Maar die houden snel op. Onze voeten raken het beroemde Zeeuwse zand. Ploegend door het mulle zand bereiken we een gedeelte met wat vaster zand. Voor me zie ik een lang lint van multicolour lopers over het strand gaan. Voor het eerst ruik ik de zee. Hmmmm! We slingeren van het ene naar het andere harde stuk strand en klossen tussendoor een paar keer door de modder, het water of het zware zand. Zo loopt het best prima. Het is inderdaad laag water: de zee kabbelt soms wel 100 meter verderop.

20191005-132238-00149Mijn vader en Roelof was ik al een paar keer tegengekomen. Nu zie ik ook mijn moeder staan. Ze rent me met een lachend gezicht tegemoet en we geven elkaar een dikke knuffel. Arm in arm lopen we 200 meter door. Wat een warmte! De lopers achter ons zijn jaloers: “Ik wil ook een knuffel!” Mijn moeder wijst naar rechts: “Daar zijn de andere hondenbezitters.” Iedere dag laat mijn moeder in de bossen van Son en Breugel met een groepje eigenaren de honden uit. Vier van de hondenvrienden – plus honden uiteraard – zijn helemaal naar Zeeland gekomen om flink te rennen en mij toe te juichen. Hen zeg ik graag even gedag. We highfiven, ik knuffel nog even met Bobbie, geef mijn moeder een laatste hug en ga dan weer op pad – met een gelukzalige glimlach op de lippen.

Na een krappe 10 km strand leidt de route de duinen in. Eerst weer door het mulle zand, dan een meterslange trap op. Pittige klim! De route gaat verder over het duinpad, aangestampt zand en schelpjes. Vlak is het pad nergens, het is een constant klimmen en dalen. Om de lopers extra te pesten, zitten er een paar trappen in het parcours. Dertig treden omhoog, om de vuurtoren heen en dan weer naar beneden.

20191005-142314-00419Langs de duinpaadjes is het druk en gezellig. De Kustmarathon is een regionale happening die veel publiek trekt. De Provinciale Zeeuwse Courant had een special over de Kustmarathon, langs de gehele route staan vlaggetjes en zelden ben ik harder en massaler toegejuicht dan hier. Sommigen hebben hun vaste plek, zoals de man met wie John en Roelof aan de klets raken. Meerdere Zeeuwse familieleden van hem lopen mee en weten dat hij, vast prik, op deze plek op het duin staat. Andere toeschouwers fietsen mee op fietspad dat 20 meter lager ligt en klimmen steeds de strandopgang omhoog. Mijn vader vertelt dat het een prachtig gezicht is om van onderaf het lint van lopers tegen de hemel af te zien steken.

Bij Westkapelle bereiken we het meest westelijke punt. Ik daal af naar de zee en het is alsof ik recht het water inloop, zo uitnodigend uitgestrekt ligt die voor me. Mijn benen voelen nog steeds goed, ondanks het feit dat mijn buik- en heupspieren vanwege de oneffen ondergrond al veel te verduren hebben gehad. Dit laatste stukje moet ook wel lukken. We maken een lusje om de vuurtoren heen en klimmen de zoveelste trap op. Die neem ik inmiddels niet meer rennend, maar gewoon wandelend. In de verte zie ik Zoutelande liggen. Voordat ik er ben, moet ik nog één keer het strand op. Weer een stukje mul zand, weer zoeken naar vaste ondergrond, weer om de paaltjes heen slingeren.

20191005-155930-00092Hé, daar staat Bas. Hij blijkt al kilometers over het strand achter me aan te hebben gereden op zijn OV-fiets. Maar het lukte hem niet me in te halen. Nu heeft hij me te pakken. Hij loopt de laatste 2 kilometer met me mee, zoals ook op de Veluwe. Voor de laatste keer de trappen op, de laatste meters over het duin en dan afdalen naar de finish. De speaker blijkt al een paar keer over Koen van de 12 marathons gesproken te hebben – daartoe aangezet door Roelof – maar nu mist hij me. Liever telt hij de secondes af naar de 4 uursgrens. Ik trek een eindsprintje en finish in 3.59.44 uur – bovenop de zandbult die ze dienst doet als eindstreep.

Nummer 10 is in de pocket!

Minder zwaar dan ik gedacht had, maar minstens zo mooi.

Na een verkwikkende douche strijken we neer in een kroegje om na te kletsen en bij te eten. Heerlijk, zo’n uitsmijter na de wedstrijd. Dankjewel, Zeeland, voor dit fraaie avontuur.

20191005_172429

 

Om het af te maken een goed verhaal.

Toen we vrijdag in Vlissingen aankwamen, werden we verrast door een optreden van duizenden spreeuwen. In fantastische choreografieën zwermden ze door de lucht, zwoesjten door de bocht en streken dan neer op de 20 meter hoge bomen in de Vlissinger binnenstad. Vanuit onze slaapkamers hoorden we het uit duizenden kelen tsjilpen.

Ondertussen had Roelof de auto in de buurt geparkeerd. Het was niet makkelijk om een plekje te vinden, maar nu stond hij onder een boom op een ampele 100 meter lopen. Toen we ’s avonds de dorp in liepen voor een pizza, zagen we waarom dit plekje nog vrij was: de boom zat vol met spreeuwen die ook weleens hun behoeften moeten doen. De auto was al behoorlijk zwart-wit gespikkeld geworden. Pas de volgende ochtend bleek welke schade de vogels in 12 uur hadden aangericht. De hele auto zat vol met honderden klodders vogelpoep. Van een grijze auto was het een zwart-witte geworden. Roelof maakte de ruiten en handvaten nog schoon met een gietertje water en een doek, maar dat bleek een druppel op een gloeiende plaat.

Maar het verhaal is nog niet klaar. Na afloop van de marathon liepen we terug naar Roelofs auto die op dit keer op een vogelveilige parkeerplaats stond. We zagen hem op een afstandje al staan – drie keer raden hoe dat kon. Onder de voorruit bleek een papiertje te zitten. Een parkeerbon? Of een foldertje van een autowasstraat? Koen vouwde het papiertje open en las:

 

‘Wat zal jij blij zijn dat koeien niet kunnen vliegen’

 

Tot over 7 weken in Geldrop!

#12marathons #9: de Sri Chinmoy 6 uursloop

Vreemd om van een marathon te concluderen dat hij eenvoudig was – de pijn in mijn spieren en gewrichten vertellen een heel ander verhaal. Maar makkelijker dan deze heb ik een marathon nog nooit gelopen. Misschien kwam het door het prachtige Amsterdamse bos, het rustgevende ritme van rondjes van 2,2 km of de fijne support die ik ontmoette. Misschien kwam het ook doordat ik langzaam door krijg waarom ik dit allemaal doe en de verlichting die dat gevoel geeft.

Maar daarover later meer.

En voor de liefhebbers helemaal onderaan deze pagina zelfs een filmpje!

Eerst de marathon zelf. Die begint al de avond ervoor met een warme ontvangst bij John, Chantal, Boris en Feline, mijn stiefzus/zwager/neefje/nichtje. Voor mijn eerste marathon, Amsterdam 2014, sliep ik hier ook, maar waren de gastheer en –dames niet thuis. Nu vergasten ze mij op een heerlijke maaltijd met klein glaasje wijn, een gemoedelijke avond kletsen en een lekker bed. Kortom: een perfecte voorbereiding. De volgende ochtend mag ik ook nog Johns fiets lenen om de 5 minuten van hun Amstelveense stulpje naar het Amsterdamse Bos te rijden.

 

Het Bos in

20190928_094526Ooit in het Amsterdamse Bos geweest? Dat is de groene long van Amsterdam, verscholen tussen de hoofdstedelijke drukte, de protserige Zuidas en het rumoer van Amstelveen, pal onder de aanvliegroute van Schiphol. Aan de stadskant is het Bos bezaaid met voetbal- en vooral veel hockeyvelden. Bij Pinoké, Amsterdam en Hurley is het zaterdagochtend 9.30 uur erg druk, maar op een andere manier dan bij GHBS in Groningen. Op mijn fietsje moet ik me hier langs 12 Audi’s, 16 BMW’s, 7 Range Rovers en zelfs een paar Tesla’s wurmen om bij de start te komen.

20190928_095013Die start van de Sri Chinmoy 6 uursloop is niet meer dan een verbreding van het fietspad met twee partytenten, een inschrijfkraampje en een start-finishdoek. Her en der staan plukjes hardlopers met elkaar te praten. Meer dan 40 zijn het er niet. Vlak na de start hebben ettelijke lopers hun eigen tafeltjes met drankjes en gelletjes opgesteld. Zo kunnen ze iedere ronde hun eigen drank en voeding tot zich nemen. Erg professioneel. Om er ook een beetje bij te horen, leg ik een paar gelletjes op de grond. Er heerst een relaxede sfeer, anders dan bij stadsmarathons, waar lopers nogal eens gestrest zijn. Pas één minuut voor de starttijd wandelt iedereen naar de startstreep.

 

Heerlijk ritme

20190928_095000We zijn nog één minuut stil om in de goede esoterische sfeer te komen en dan roept Nitish, chef-organisatie, dat we weg mogen. Klaar voor 6 uur lopen! Behalve ik dan. Eén rondje is precies 2237,06 meter, dus ik moet 19 rondjes lopen om op de marathonafstand te komen. Meer ga ik er niet doen, heb ik deze ochtend besloten, want over een week wacht de Kustmarathon. Beter kan ik vandaag mijn lichaam wat sparen – voor zover dat mogelijk is op een marathon – en volgende week iets beter hersteld zijn.

Het rondje-Bos is prachtig! We lopen een stukje langs een asfaltweg door het bos, duiken dan de bossen in en draaien en keren dan via een bruggetje, een kleine heuvel, een dikkere brug en een klein waterfonteintje weer terug naar de start. Veel weelderig groen met af en toe een weilandje en waterpartij. Een deel van het parcours herken ik van de wandeling die we met Oud en Nieuw met John, Chantal en de kinderen gemaakt hebben. Het groen verlicht de geest, merk ik.

Is het niet saai, 19 dezelfde rondjes lopen, vroeg iemand me. Juist niet! Het zorgt voor een heerlijk ritme, levert om de 12 minuten de herkenningspunten die je vertellen dat je weer flink bent opgeschoten en laat je in je hoofd de rondjes aftellen. Blijkbaar gedij ik goed bij die monotonie. Precies bij het eerste bruggetje denk ik iedere ronde: ‘Ben ik hier alweer!” In de scherpe bocht in het bos weet ik precies waar om moet lopen. Op het paadje daarna zorg ik dat ik rechts aanhoud, daar is de ondergrond niet zo oneffen. En iedere keer dat ik de waterfontein zie, ben ik weer verbaasd dat er alweer een rondje op zit.

20190928_095038Fijn is ook dat je 19 keer door start-finish komt. Bij Monopoly krijg je dan 20.000 euro, bij de Sri Chinmoyloop staat een tafel met lekkers klaar: zes soorten krabbelwaar (van banaan tot drop en pinda’s), zes soorten drank (van energydrank en cola tot bouillon en gewoon water). Vergeten te eten en drinken kan dus niet. Bovendien staan daar mijn fans: Roelof, Bas en later ook Chantal en John. En dan vergeet ik de rondetellers die met zijn vijven in hun kraampje zitten en iedere ronde voor iedereen applaudisseren.

 

Dikke plensbui

In de eerste fase van de race is mijn doel om ontspannen te lopen. Dat gaat prima: rug recht, hoofd omhoog, soepele tred. Af en toe haal ik iemand in, af en toe word ik ingehaald. Ik denk alleen aan het nummer van het rondje dat ik loop. ‘Zesde rondje, zesde rondje’, prevel ik. Het lukt goed om niet achter- of  vooruit te denken, maar alleen maar in het nu te zijn. En als ik rondje 10 heb afgerond, realiseer ik me dat ik al over de helft ben.

IMG-20190928-WA0003Dan begint het te regenen. En niet zomaar te regenen: een dikke plensbui slaat op ons neer. Binnen een paar minuten ben ik doorweekt en zijn mijn schoenen volgelopen. Ik laat het me niet raken. Ik wist dat het om half een zou regenen, hier heb ik me op ingesteld, geen verrassing, gewoon blijven lopen. Ook de wegen en paden zijn in no time kletsnat. Lagen er op meerdere plekken al plassen op de paden, nu zijn het modderige meren geworden. Ontwijken kan nauwelijks, of je moet door het gras lopen. Op sommige plekken is het handiger om dan maar dwars door de plassen te stappen. Droge voeten zal ik niet meer krijgen.

Vanaf rondje 14 is het aftellen geblazen. Nog 6, nog 5, nog 4… Doordat ik niet meer de ideale lijn kan lopen, zijn mijn kilometertijden iets hoger, maar nog steeds loop ik prima. De tweede en derde stortbui overleef ik ook. Bij de start van rondje 17 klets ik even met Chantal, want haast heb ik toch niet. In het allerlaatste rondje fietsen John en Bas met me mee en zien ze ook door welke waterpartijen ik me heen heb moeten worstelen. En na 3.58.47 uur kom ik voor de laatste maal over de streep. Nitish en de rondetellers zijn even verbaasd, maar vinden het prima. 42.504 meter heb ik onder mijn voeten weggemaald. Mij wacht een heerlijke douche bij John en Chantal – plus leuke verhalen over de helikoptertocht die Feline en Boris deze ochtend gemaakt hebben.

IMG-20190928-WA0005

Zelf-transcendentie

wat-is-de-piramide-van-maslowTot slot nog een zijstap naar de zin van het leven. De Sri Chinmoy 6 uursloop noemt zich op zijn website ‘zelf-transcendent’. Door eindeloos rondjes te lopen, kom je vanzelf in een trance, zo platvloers verklaarde ik deze term voor mezelf, geïnspireerd door een documentaire over 24 uurslopen die slechts één blokje om gaan. Maar ik blijk er helemaal naast te zitten. De term hoort bij de piramide van Maslow die de vijf essentiële behoefte, ofwel motivatiefases, van een mens omschrijft. Zelf-transcendentie is de zesde behoefte die pas later ontdekt is:

‘Zelftranscendentie is de behoefte om jezelf te overstijgen, het benutten van je eigen potentieel. Deze behoefte is niet een primaire behoefte van een persoon zelf, maar gericht op het helpen van anderen. Een mens werkt in deze behoefte aan zichzelf, om anderen te helpen.’

Werken aan jezelf om anderen te helpen.

Toen ik deze zin las, vielen wat puzzelstukjes op hun plek. In 12 Maanden 12 marathons in 12 provincies lopen kun je inderdaad wel omschrijven als ‘jezelf overstijgen’, dat behoeft geen uitleg. Inmiddels merk ik ook welk mentaal proces ik de afgelopen maanden ben doorgegaan. Hoe meer marathons ik loop, hoe sterker ik begin te voelen dat ik anderen hiermee help – of zou moeten helpen. Hoe groter de prestatie, hoe kleiner de waarde die ik daar zelf aan hecht. Veel meer beleef ik de liefde van mijn gezien en de waardering van Merel en Hans (Merels echtgenoot). Alsof ik nu meer door krijg waar het in het leven om draait en wat mij dus ook te doen staat. Misschien dat ik me nu pas bewust word waarom ik dit wilde – nee móest – doen. En dat staat nog los van de hulp in de vorm van harde pegels die voor Merels Wereld en Alzheimer Nederland binnenkomen.

Terwijl ik dit schrijf, kijk ik uit op twee dochters die aan tafel huiswerk maken. Tafel vol boeken, kopjes thee, ijverige koppies. Vandaag voel ik meer dan ooit de liefde en energie voor mijn gezin. Ik heb vanochtend heel mindful hun ontbijt gemaakt en wacht op het moment dat ik hen weer kan helpen met het huiswerk. En straks gaan we samen pepernoten bakken!

En ik heb jullie nog een filmpje beloofd, een edit van stukjes film die Roelof geschoten heeft. Geeft een aardige impressie. Kijk op https://youtu.be/oPE-2QnHJ_I

Pittige tweedaagse voor de boeg

Nog een bruiloft, een yogales en een werkweek en ik mag weer aan de bak voor #12marathons. Ditmaal staat een pittige tweedaagse op het programma. Op zaterdag 28 september loop ik de Sri Chinmoy 6 uursloop in Amstelveen. Een week later trotseer ik de beruchte Kustmarathon. Als alles goed gaat, kan ik daarna Noord-Holland en Zeeland afvinken. Maar ik houd mijn hart vast voor de korte herstelperiode. Als mijn beentjes het maar houden…

20190706-125211De Sri Chinmoyloop is het probleem niet, denk ik. Zo lang mogelijk rondjes van 2,2 km lopen door het Amsterdamse Bos, dat is de opdracht van de dag. In zes uur tijd moet ik de 42.195 m toch kunnen halen. Mocht ik eerder op de marathonafstand zitten, dan behoud ik me het recht voor om uit te stappen. Ik doe er alles voor om de beentjes sparen voor een week later. Ik ben benieuwd of de rondjes rond de kerk op den duur vervelend worden. ‘Self transendence’ noemt de wedstrijd zich. Betekent dat dat ik mezelf in trance loop? Het zou ook kunnen dat die vele rondjes me juist motiveren doordat ik om de 12 minuten mijn supporters zie. Misschien komen stiefzus en zwager John en Chantal en hun kinderen Boris en Feline wel kijken. Zij wonen om de hoek, hockeyen zo ongeveer naast de startstreep en gaan vaak wandelen in het Amsterdamse Bos. Sterker nog: in de afgelopen kerstvakantie hebben we nog gewandeld over delen van het parcours!

Zwaarste marathon

parcours kustmarathonMeer zie ik op tegen de Kustmarathon. ‘De mooiste en zwaarste marathon van Nederland’, zo afficheert de marathon zichzelf op zijn site. Dat komt doordat er ‘heel veel muziek langs het parcours’ is, plus ‘veel en enthousiast publiek’. Die komen dan mijn ‘strijd in en met de natuur’  aanschouwen. Het parcours loopt, als ik de Youtube-video mag geloven, over het Zeeuwse strand, over bruggen en langs vele beeldhouwwerken – en bovenal meestentijds tegen de wind in. We lopen van Burgh-Haamstede naar Zoutelande, dus in zuidwestelijke richting. En je weet uit welke richting de wind in Nederland waait. En hoe hard die kan huishouden in Zeeland… Hoe het ook zij: ik heb het huisje voor de avond ervoor al geboekt.

Merel!

Het zou kunnen dat er nog een verrassing in voorbereiding is. Dé Merel Hemmink van Merels Wereld, voor wie ik deze #12marathons allemaal doe, wil graag eens een stukje meelopen. Ze heeft haar zinnen gezet op 10 km van de Kustmarathon. Maar het wedstrijdschema van haar man Hans, voetbalcoach van de Drachtster Boys, en haar door haar ziekte maar half gevulde batterij staan het misschien niet toe dat ze helemaal naar Zeeland kan reizen. Ik hoop dat het lukt. Het zou fantastisch zijn als we de laatste 10 km samen zouden kunnen doen!

20190706-125944Nu we het toch over Merels Wereld hebben: denken je nog aan een extra donatie? Misschien heb je al een of meerdere keren gul gegeven – waarvoor grote dank – maar misschien schiet het de laatste tijd erbij in. Dat kan gebeuren, ik word regelmatig aangesproken door fans die het doel een warm hart toedragen maar steeds vergeten een paar euro’s over te maken. Dan is nu je kans! Pak je telefoon, klik op je bankier-app en stort gul op NL53ABNA0836864778 t.n.v. 12 marathons (of, als dat niet werkt, K.P.P. Peeters). De helft van het geld komt bij Merels Wereld terecht. Afgelopen weken heeft Merel nog de verzamelde internationale longartsen toegesproken en benadrukt hoe belangrijk samenwerking in onderzoek is. Het lijkt zijn vruchten af te werpen. Dus nu is het goede moment om haar te steunen. Dankjewel!

P.S. Daan Glorie loopt dit jaar óók 12 marathons en óók voor Alzheimer Nederland (maar niet in 12 provincies. Morgen vertelt hij in het Noord-Hollands Dagblad onder andere waarom nu geld voor onderzoek nodig is. Of volg hem op https://ultraloper.wordpress.com/

 

 

 

 

 

 

 

#12marathons #8: de Veluwe Summertrail

“Een buitencategorie zware marathon op een lastig parcours en dat in de tropische hitte.” Medeloper Daan laat de prachtige paarse heide weg, maar verder slaat hij de spijker op zijn kop in zijn eenregelige samenvatting van de Veluwe Summertrail. Gelukkig was het een teammarathon én was mijn broertje in goede conditie, anders was het me niet gelukt om de finish te halen.

20190825_091751Voordat we aan de heroïek beginnen, eerst een staande ovatie voor de Veluwe. Wat een schitterend landschap! Afwisselend liepen we tussen de schaduwrijke loofbomen en geurende naaldbomen, over eindeloze zandverstuivingen, langs verscholen vennetjes en grazende schapen. Maar het hoogtepunt was toch wel de bloeiende heide. Kilometerslang keken we uit over een blinkend paarse wereld, die scherp afstak tegen het donkergroen van de bomen en het strakblauw van de lucht. “Misschien wel de mooiste marathon van Nederland”, zei organisator Ed in zijn openingspraatje. Hij heeft gelijk.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Met Daan Glorie op de uitkijktoren, vlak voor de start

Maar dat genieten van de natuur gaat niet zonder slag of stoot, wis en drie! In tegenstelling tot de vorige 4 marathons is dit een trail marathon. Dat betekent niet alleen een mooie omgeving met pittige heuveltjes en verschillende ondergronden, maar ook een minder prestatiegericht en gezelliger deelnemersveld. Iedereen kletst met elkaar. De Veluwe Summertrail is ook nog een teammarathon. De meeste lopers lopen niet de hele marathon, maar lopen hem met zijn tweeën, drieën of vieren. Eén teamlid loopt, de anderen fietsen mee. Om de 5 km is er een officieel wisselpunt waar we wachten tot een half uur verstreken is, dan pas gaat de groep samen weer door. Tussendoor wisselen mag ook.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAAlle lopers en begeleiders moeten goed samenwerken om allemaal de eindstreep te halen. De fietsers zorgen voor de verzorging van de lopers – en dat is in deze hitte bitter noodzakelijk. Ook geven ze de weg aan. Ed fietst voorop en posteert bij iedere bocht een fietser die de lopers de goede kan op wijst. Is de laatste loper gepasseerd, dan scheurt de fietser iedereen voorbij om een nieuwe bocht aan te duiden. “Het is een teamprestatie”, benadrukt Ed. “Dus sta voor elkaar klaar.”

 

Team-Peeters

OLYMPUS DIGITAL CAMERAMijn eigen team is iets kleiner dan normaal – geen taferelen zoals in Diever nu. Chef-fanclub en PR-manager Roelof is de grootste ontbrekende factor. Hij wandelt zelf in de Franse Alpen, maar niet nadat hij een artikel in De Stentor en op Omroep Gelderland heeft geregeld! Wat een held – en fijn dat de krant ook eens lovend over Roelofs inzet schrijft. De andere vaste fans zijn er wel. Mijn vader komt aangesneld als alle lopers van vandaag de uitkijktoren van Kootwijkerzand opklimmen. Hij is buiten adem en buiten zinnen zo blij om ons te treffen, want hij had al een half uur zitten zoeken. Eén minuut voor de start komt ook Bas aangefietst. Omdat de machinisten op zondag uitslapen, kon dat niet eerder.

Aan een startstreep doet de Veluwe Summertrail niet. Aan een startschot evenmin. Ed drijft ons eerst bij elkaar tussen de bomen en bromt dan: “Nou, dan gaan we.” Als een zandhaas begint hij over een fikse zandverstuiving te lopen. “Het eerste stuk loop ik voorop!” roept hij al. Als we na 1 km door de zandbak het bos in gaan, mogen we op eigen gelegenheid verder. We lopen over een tweespoors zandpad en proberen onze schoenen op zo vast mogelijke grond te zetten. De groep van ongeveer 30 lopers blijft redelijk dicht bij elkaar. Lekker, die frisse boslucht. Maar ook al warm, om 9.30 uur ’s ochtend.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAMeer dan de helft van de lopers staat al op het wisselpunt als ik kom aangelopen. Even uitrusten tot het half uur om is. “Nog 2 minuut 30”, roept Ed. Fijn, dan loop ik gemiddeld 5.30 min per km. Prima voor een trail. Maar als we weer weggeschoten worden, schiet het in mijn kuit. De linker. Die heeft het zwaarder dan normaal door het mulle zand en de heuveltjes. Bovendien moet hij meer werk doen. Sinds ik een brace om mijn linkerenkel draag, is mijn rechterkuit in omvang geslonken. De brace belet me om die kuit goed te gebruiken. De linker neemt die taak over. ”Jij hebt óók ongelijke kuiten`, zag Eline twee weken geleden al. De pijn wordt met de stap erger. Dat we weer over asfalt lopen, verlicht het leed geenszins. Haal ik in deze toestand de eindstreep wel? “Je kunt ook iemand anders laten lopen, he”, zegt een fietsende begeleider die me vraagt hoe het gaat. “Al is het maar 1 km.” Ik minder vaart en loop stug door. En warempel, na 9 km zakt de pijn wat af.

De derde etappe is weer helemaal onverhard, de vierde ook. Dit is het echte trailen: heerlijk draven, goed kijken waar je je voet neerzet en af en toe een blik op de prachtige omgeving werpen. Regelmatig neem ik een slok uit mijn Camelback en Bas en John steken me ook regelmatig een bidon toe. Desondanks krijg ik het steeds warmer. Het loopt nu tegen de 30 graden en als de zon pal op je staat, fik je bijna weg. Ik merk dat ik steeds meer moeite moet doen om mijn tempo aan te houden. Mijn hartslag stijgt, maar mijn snelheid daalt. Volgens mij raak ik opgebrand.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAWat nu?

Dan zie ik op een grasachtige open plek mijn broer Bas bij zijn fiets stilstaan – plichtgetrouw voert hij zijn taak als richtingaangever uit. He…. Dat zou ook kunnen natuurlijk. Oorspronkelijk stond Bas ook op de startlijst. Sterker nog: formeel staat hij er nog steeds op, als nummer A03. Hij wilde deze marathon zelf lopen, alleen of met een loopvriend, en wel op blote voeten. Een paar weken heeft hij daadwerkelijk blootsvoets getraind, vooral over gras en zand. Maar steeds kreeg hij last van zijn kuit. Gisteren heeft hij zich afgemeld bij Ed.

“Bas, wil jij een stukje lopen?”

“Ehhh… OK!” Bas heeft zijn hardloopschoenen en -broekje al aan en kan zo op pad. Ik neem de fiets van hem over en daar gaat hij, mijn redder in nood. In blote bast. Zuchtend en steunend bind ik Bas’ rugzak op de bagagedrager en trap uitgeput achter hem aan. Zelfs fietsen is vermoeiend en heet. Als ik Bas nader, zie ik dat hij aan zijn voeten zit te plukken. Wat doet hij? Mijn vader staat naast hem met een schoen in zijn hand. Bas is bezig om schoen 2 uit te doen. Even later gaat hij blootvoet verder. Precies zoals hij twee maanden geleden bedacht had! Eigenlijk is dit dus een win-win-situatie!

“Loopt prima zo”, zegt Bas opgetogen na een paar kilometer. Last van zijn voeten heeft hij niet – en zijn kuiten werken ook mee. Hij slalomt behendig van gras naar zand en vermijdt de steentjes. Iets verderop wordt het lastiger. We doorkruisen een oneffen graslandje met pollen, struiken en dode takken. Ook daar baant Bas zich doorheen. Ongeschonden haalt hij het volgende wisselpunt. Hij wil nog wel een stukje. Monter neemt hij het mooiste, maar ook het zwaarste deel van de route voor zijn rekening: 4 km in de brandende zon langs een uitgestrekt bloeiend heideveld. Ben ik effe blij dat ik fiets!

 

Een erehaag van schapen

20190825_121131Pas 8 km verder laat hij zich aflossen. De laatste paar kilometer heeft hij het wat lastiger omdat er veel steentjes op het zandpad liggen. Verder ging het prima. Hij praat vrolijk met de meefietsers en loopt op effen ondergrond harder dan ik. De rollen zijn om gedraaid: nu geef ik hem de bidonnen aan, wijs de weg en kletst met een andere fietser/loper. Inmiddels ben ik voldoende hersteld om zelf weer een stuk te doen. Dat gaat redelijk – mijn kuit wordt niet eer erger –  maar ik merk wel dat de pijp eigenlijk leeg is. Ik ben niet de enige die daar last van heeft. Een medeloper, die over 2 weken de 100 km van Winschoten gaat doen, “is er helemaal klaar mee”. En Daan Glorie, die net als ik 12 marathons voor Alzheimer Nederland loopt, verzucht ook met holle ogen dat hij kapot is. OP zijn Strava meldt hij later dat hij 4 liter water gedronken heeft.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAMet nog 4 km te gaan, pakt Bas het rennen weer over. In colonne loopt doet de voltallige groep de laatste 2km. Missie geslaagd: allemaal halen we in eendrachtige samenwerking de finish. Als we de schaapskooi van Heerde, de finishplaats van vandaag, al zien liggen, wordt de weg plotseling versperd. Vakkundig hebben de schaapsherder en zijn hond hun kudde tot aan ons paadje gedirigeerd. Op het moment dat wij passeren, steken de schapen net over. Sommige lopers wurmen zich tussen de schapen door, andere houden even in. Een erehaag van schaapjes! Wat een toepasselijk slotstuk!

OLYMPUS DIGITAL CAMERAIn de schuw van het lommer achter de schaapskooi pak ik een pannenkoek met stroop (geniaal! Die moeten ze vaker hebben!). Vermoeid gaan Bas en ik naast elkaar zitten. Samen hebben we het gered. “Bas heeft je gered”, zegt mijn vader. En zo is het. Beide mogen we naar voren komen om het Veluwe Summertrail certificaat in ontvangst te nemen. “Misschien wel de mooiste marathon van Nederland”, staat er weer op. “En de zwaarste”, mag er dit jaar wel bij. “En de heetste.”

En dan nu de hamvraag: heb ik deze marathon nou gehaald of niet? Voldoet hij aan de #12marathons-criteria? Aan de ene kant niet. Ik heb niet de volledige marathonafstand gelopen, maar een luttele 30km. Fietsen is geen lopen. Aan de andere kant wel. De Veluwe Summertrail is een teammarathon, waarbij je elkaar moet helpen. Dat hebben we gedaan. De broers-Peeters hebben samen gelopen en met de fiets in mijn hand ben ik rennend over de imaginaire eindstreep gekomen. Bovendien: bijzondere omstandigheden vragen om bijzondere regels. En de regels maak ik toch zeker zelf? ‘Naar omstandigheden goed’, zou mijn wiskundeleraar uit 2E zetten.

De volgende loop zal ik weer geheel op eigen kracht moeten doen – dat is geen teammarathon. In 6 uur moet ik tijdens de Sri Chinmoy-loop tot minimaal 42.195 m komen. Zelfs in de labiele, onzekere staat waarin ik nu zit, zeg ik dat dat moet kunnen. Maar de Kustmarathon… Alleen maar tegen de wind in… Deels over het strand… Een week na Sri Chinmoy… Dat wordt de echte lakmoesproef!

 

Marathon #7, de premature marathon van Diever

De mooiste loopbelevenis die ik ooit heb meegemaakt. Beter dan dat kan ik de Midzomermarathon van Diever, nummer 7 van de #12marathons, niet beschrijven. Dit wordt een hartstochtelijk verhaal over hardlopen, liefde en vriendschap.

20190706-090257Het verhaal begint op vrijdag. Oom Roelof heeft, zoals inmiddels gebruikelijk, de lokale media benaderd of ze een verhaal wilden maken van #12marathons. Dinsdag sta ik opeens op de site van Dagblad van het Noorden. Vrijdag laat RTV Drenthe weten dat ze zaterdagochtend opnamen voor een TV-reportage willen maken. Dat begint al goed!

Verrassing 2 gebeurt in de RunX, al jaren mijn hardloopzaak in Groningen. Eigenaar Alwin herkent me als ik vrijdag de winkel binnen wandel om een paar gelletjes te kopen. Bij de kassa vraagt hij in welk shirtje ik morgen ga lopen. “Die van Alzheimer Nederland”, antwoord ik.  “Wat zou je ervan denken om een complete RunX-outfit te krijgen? Je loopt zoveel!” Met stomheid geslagen zeg ik ja. “Blijf maar even, dan maken we een tasje voor je klaar.” Vijf minuten later komt een collega terug met een tas met 8 kledingstukken, allemaal in RunX-huisstijl. Twee bidons krijg ik er ook bij. Geweldig!

En dat is nog maar het begin.

Vrijdagmiddag rijd ik naar camping Diever, waar ik een blokhut voor 4 personen heb gehuurd. Mijn moeder (én hondje Bobbie) staat met haar campertje al op een plekje vlakbij. Samen maken we een pan krachtvoer met veel groente en eten die knus op de veranda op. Het echte campinggevoel! Rond middernacht zal ook nog mijn vader arriveren – na navigatieloze omzwervingen in Flevoland, een reddingsactie om zijn auto uit een greppel te halen en een half uur dwalen over een donkere camping.

20190706-090457

Om 21.00 uur arriveren mijn loopmaatjes voor morgen, de mannen met wie ik de langste en spannendste loopgeschiedenis heb. Ieder jaar lopen Norbert (studievriend, thans woonachtig te Dublin), Lennart (dito te Bunnik) en Dennis (non-running but card playing captain uit Utrecht) een marathon in Ierland. Vorig jaar liepen we rond deze tijd in Donegal, nu zien we elkaar terug in Diever. Dat moet uiteraard gevierd worden met biertjes en een potje bonken (een erg moeilijk kaartspel). Niet de beste, maar wel de leukste voorbereiding.

Na een onrustige nacht staat om half negen verslaggeefster Jasmijn van RTV Drenthe op de stoep. Bij de geïmproviseerde startstreep interviewt ze Lennart en mijzelf. De eerste start is alleen voor de camera: alleen onze benen waren in beeld. De tweede start is voor het ecchie. Met een ferm ‘Klaar voor de start….af!’ schreeuwt mijn vader ons weg. Lennart en ik op hardloopschoenen. Dennis, mijn vader en superfan, verzorger en PR-manager Roelof op de fiets. Norbert wurmt zich op mijn mountainbike. Zo graag had hij deze marathon ook gelopen. Hij was uitstekend in vorm, tot mij afgelopen maandag tijdens een training viel en zijn schouder uit de kom schoot. Hij baalt enorm dat hij deze tocht aan zich voorbij moet laten gaan. Ik vind het vooral geweldig dat Nop er, gewapend met slaappillen en pijnstillers, toch nog is!

Over een lege klinkerweg gaan we op pad. Geen andere lopers, geen rugnummers, geen omroepinstallatie, geen kleedkamers. Dit is onze eigen marathon. Onze premature marathon van Diever. De officiële Midzomeravondmarathon vindt pas over twee weken plaats. Maar dan zit ik met Simone, Eline en Nynke in Polen en Slowakije. #12marathons vergt toch echt dat ik in Nederlandse provincies loop. Dus heb ik lang geleden al bedacht dat ik ‘Diever’ dan maar niet-georganiseerd, maar wel over het officiële parcours loop. Roelof heeft vorige week de complete route gemarkeerd met witte lintjes. Ook om een andere reden trouwens…

Lennart zet zich op kop en zet stevig de pas erin. Hij houdt het tempo strak tussen de 5.10 en 5.15 min/km. Aan ‘de witte Keniaan’ is dat wel besteed. Hij is geschapen om hard te lopen en eet de 10km in minder dan 40 min op. Af en toe staat verslaggeefster Jasmijn langs de weg om nog wat tussenshots te maken. Pas als ze ons voorbij een hunebed op beeld heeft vastgelegd, neemt ze pas afscheid. Na de twee kleine rondjes door het dorp moeten we vier rondjes van 10 km door het bos. Vier keer rechts en we zijn rond, zo eenvoudig is het. Dwars door de weelderige bossen van Drenthe. Eerst voorbij de scouting en het Shakespeartheater, dan rechtsaf richting camping, na 2 km rechtsaf het Studentenpad op, bij de ANWB-paddenstoel weer rechts, einde van het fietspad weer rechts en we komen het bos weer uit. Als ik wat wil eten of drinken hoef ik maar te kikken en Roelof reikt het me aan. Hé, daar staat mijn moeder met bekertjes water. We worden verzorgd als koningen op Nikes.

20190706-114536-00417In stabiel tempo draaien we ook het tweede rondje af als ik langs de weg opeens een bekend gezicht ontwaar. Hé, dat is Anneke, goede vriendin van Simone en ook hardloopster. Ze reikt me een stuk meloen en een banaantje aan. “Wat doe jij hier?” roep ik verbaasd. “Ik dacht: ik kom eens kijken!” zegt ze. Ik ben met stomheid geslagen. Hoe kan dit zomaar?

Lennart en ik zijn nog geen 200 meter verder als we opeens ingehaald worden door twee andere hardlopers. Het zijn Jan, de man van Anneke, die net de Halve van Berlijn achter de rug heeft, en Arnold, mijn loopmaatje met wie ik al jaren wekelijks een rondje Onlanden of Paterswoldsemeer doe. “Wij lopen ook een stukje mee”, zeggen ze. Bij de ingang van de camping staat opeens de hele familie van Roelof ons aan te moedigen. Tussen de menigte door loopt Erwin het parcours op, mijn oude jeugdvriend uit Breugel. Ik sta perplex. Zo zijn we met zijn tweetjes, zo lopen we met zijn vijven, met nog vier fietsers erachteraan. Net Zwaan-kleef-aan. Al mijn loopvrienden zijn gekomen. Voor mij! Wat een verrassing, wat een eer. We beginnen opgewonden te keuvelen. Ik zweef, lijkt het wel, zo gemakkelijk loopt het nu. Het derde rondje is voorbij voordat ik er erg in heb.

Als we het vierde rondje inzetten, haakt Jan vermoeid af. Hij had gisteren een BBQ met biertjes, knap dat hij zover gekomen is. Het peloton loopt verder. Nu begin ik de inspanning te voelen. De adrenaline is uitgewerkt, mijn lichaam moet het weer op eigen kracht doen. Bij de ingang van camping is het nu leeg – het publiek is blijkbaar terug naar de caravan. Was ik maar bij de volgende hoek, daar staan Hans en Ellen met een flesje water en een peperkoekje.

Nog één keer dat lange fietspad met de hobbelige ondergrond – ik weet inmiddels waar de boomstronken zitten. Nog één keer langs dat mooie stukje met het watertje en de koeien. Voor de laatste keer die heuveltjes op en af. En de laatste keer het zandpad over, rechtsaf naar het Landhotel en de waterpost van mijn moeder. Zelfs looprobot Lennart krijgt het moeilijk, ik mag nota bene zelf een stukje op kop lopen.

Als we hunebed D52 naderen, zie ik opeens een roze jasje achter een boom vandaan piepen. En daar een schoentje. Wie zit daar verstopt? Tegelijkertijd komen ze tevoorschijn: de kinderen van Erwin en die van Matthijs en Hilde. “Hé, Eline!” Mijn dochter is er ook. “En Anjana!” Haar BFF. De laatste 500 meter lopen ze allemaal met me mee. Wat met twee lopers begon, eindigt met 15 lopers, 4 fietsers en een erehaag van publiek. Mijn vader houdt een doek met ’FINISH’ omhoog, Hans maakt foto’s, Marry houdt een andere aanmoediging omhoog. Zelfs Marinke is met haar zoontje uit Amersfoort gekomen. Extatisch komen we met zijn allen over de finish. Iedereen krijgt een gouden medaille.

20190706-124956-00606Verscholen tussen het publiek staat Simone met een toeter kabaal te maken. Mijn vriendin, de schat die dit feest geregeld heeft, bescheiden op de achtergrond. De tranen staan in mijn ogen als ze me omhelst. Mijn grote liefde. Maanden geleden is ze begonnen om deze verrassingstocht te regelen. Iedere keer veranderden de plannen, iedere keer moest ze haar voorbereiding bijstellen, tot op zaterdagochtend aan toe. Dat ze dit allemaal op poten heeft gezet, is de mooiste daad van liefde die ik me kan voorstellen.

20190706-125211Mensen, ik kan nog uren vertellen over deze dag van hardlopen, liefde en vriendschap. Het blijft nog lang onrustig in Diever. We eten soep, gaan met zijn allen uit eten en genieten zelfs nog van een fantastische Shakespeare in het openluchttheater. Al die tijd gaat die lach niet van mijn gezicht. Mooier dan dit wordt het niet.

Vrienden van heinde en verre, vader en moeder, alle familie, PR-manager/routemaster/verzorger/superfan Roelof en het meest van allemaal Simone: dankjewel voor deze onvergetelijke dag.

Meebeleven?

De reportage van RTV Drenthe staat nog online. Het verhaal in DvhN ook. Zaterdag sta ik ook in de papieren krant. En op Youtube zie je ons finishen.

Marathon #6: de marathon van Amersfoort

20190616_095827Goed uitgerust en in goed humeur sta ik deze zondagochtend op de Eemkade in Amersfoort. Over een half uur gaat de marathon van Amersfoort van start. De avond ervoor heb ik bij schoonzusje Marinke en zwager Leander in Leusden een heerlijke pasta met tonijn gekregen en relaxed bijgekletst. Ik lag erop tijd in en ik sliep door Jims gepruttel en gehuil heen. Het zonnetje schijnt (maar niet teveel), kinderen met rode gezichten finishen hun 1 km-loop en ouders juichen trots. Ik ga er zelf ook van glimlachen – op vaderdag ben ik nog gevoeliger voor kindervreugde dan anders. Ik krijg er steeds meer zin in!

Die mentale gesteldheid kwam niet zomaar. De afgelopen zes weken had ik het erg druk. Veel lopende projecten en nieuwe mensen op het werk, artikelen schrijven voor het buurtkrantje, subsidies regelen voor het buurtfeest en vergaderingen van diverse commissies. “Moet je weer op woensdag werken?” vroegen de meiden ieder woensdag. En: “Heb je vanavond weer een vergadering?” Tussendoor ook nog eens kijken bij mijn hockeyende dochters en lief zijn voor mijn meisje. Druk in mijn agenda en druk in hoofd. De Amersfoortse media benaderen over #12marathons is er dan ook bij ingeschoten. Geen puf.

Bovendien moest ik tijd maken om verantwoord te trainen. Gelukkig had ik zes weken de tijd tussen marathon 5 en 6 in. Dat was voldoende om de enkel weer wat te laten herstellen, duur- en intervaltrainingen te doen en zelfs een wedstrijdje mee te pikken. De Stationsloop van Ommen naar Dalfsen moest ik weliswaar zonder loopmaatje Arnold doen, maar de 10 mijl vlogen soepel onder mijn voeten door. Ook deed ik een paar ochtenden in de week core stability-oefeningen. Die leken me nodig om te voorkomen dat ik tijdens de wedstrijd pijn in mijn heupen zou krijgen. Hoewel mijn geest op het randje van uitputting hing, stond mijn lichaam er beter voor dan eerder. Even leek mijn enkel, tijdens een heftige trainingsloop op maandag, roet in het eten te gooien, maar in de dagen daarna herstelde de boel. Op het nippertje klaar voor nummer 6.

Met een middeleeuws kanon worden we weggeknald: de marathonlopers met geel nummer, de halvemarathonlopers met blauw nummer. Net als in Enschede staan twee rondjes van 21 km op het programma. Vanaf de Eemkade zetten we koers naar een lang fietspad langs de Eem. Het is dringen geblazen, her en der krijgen atleten een onbedoeld duwtje of gerichte por. Samen hardlopen is leuk, maar dan moet je elkaar wel de ruimte geven. Inhalen op het fietspas is lastig. De andere lopers jutten me op om sneller te starten dan voorzien.

Na vijf kilometer langs het water draaien we de polder in. Het is weelderig groen om me heen. De natuur steekt prachtig af tegen de blauwe lucht en de beentjes voelen goed. Om de 3 kilometer staat een waterpost, zodat wij lopers het niet te warm krijgen. Na een kilometer of 10 lopen we weer de bewoonde wereld in: eerst aan de ene kant van de N791, na een tunneltje aan de andere kant van deze drukke weg. De rust maakt plaats voor drukte. Jammer. Van natuurmarathon wordt het opeens een stadsmarathon. Kruisingen, veel bochten, soms oneffen ondergrond en drempels – als een slang krioelen we door de binnenstad. Hé, daar staat Bas! Hij is vanuit Utrecht naar Amersfoort gefietst en zal de rest van de route proberen met me mee te rijden. Vooral in de stad is dat niet makkelijk, want de verkeersregelaars willen hem steeds van het parcours hebben. Bas doet of hij ze niet hoort. Vlak voordat we voor de Eenhaven zijn, hoor ik opeens: “Hup, Koen!” Marinke, Leander en Jim moedigen me hartstochtelijk aan. Via het spoor en de singels komen we weer bij de Eemhaven. Negentig procent van de deelnemers slaat linksaf naar de finish, een handvol deelnemers gaat rechtdoor voor een tweede ronde.

Screenshot_20190618-205242_Video PlayerNet als in Enschede (marathon 4) is het parcours opeens zo goed als leeg. Toen liep de eerste kilometer over een vierbaans weg met busbaan in het midden, zodat je je echt verloren waande tussen het asfalt. Nu op het fietspad voelt het wat minder verlaten. Maar het contrast tussen ronde 1 en 2 blijft pregnant. Ik heb er nog goed de pas in en haal iedere kilometer wel een loper in. Ik zal nog heel wat gele nummers voorbij schieten, terwijl alleen twee paarse nummers van de estafetteloop mijn inhalen. Langs de Eem steek ik een loper in berenpak voorbij. Die moet het warm hebben! Ik zie hem pas terug aan de finish: hij komt uit Engeland en haalt het op zijn tandvlees.

Als we weer bijna in de bewoonde wereld komen, krijg ik het wat zwaarder. Een kilometer lang loop ik over oneffen klinkertjes en zegt mijn heup dat hij dit niet leuk vindt. Manmoedig ren ik door. Waar ik bij de drankposten eerst strak doorliep, neem ik nu een paar seconden drinkpauze. Het publiek heeft inmiddels de terrasjes opgezocht, veel kijkers zijn er niet meer over. Gelukkig heb ik Bas nog. Hij heeft een bidon water bij zich, die ik af en toe nodig heb om af te koelen, nu de zon steeds sterker begint te schijnen. In de laatste kilometers geeft hij me ook nog een stukje banaan. Die kan ik goed gebruiken. Ik merk dat ik onderweg te weinig gegeten heb. Eén gelletje en één Snelle Jelle, daar loop je geen marathon op. De paar slokken sportdrank die ik bij de waterposten neem, blijken onvoldoende compensatie.

screenshot_20190618-205244_video-player.jpgGelukkig ben ik er bijna. Mijn tempo is wat gezakt, maar is nog steeds aardig op orde. Ik klos over de singels en zie de laatste bocht al liggen. In plaats van rechtdoor mag ik nu rechtsaf naar de finish. Daar staat het publiek wel rijen dik. Energie voor een eindsprint heb ik niet meer, maar ik hef nog wel mijn armen de lucht in om het publiek aan het juichen te brengen. Na 3.45.44 uur kom ik over de streep. 53ste van de 161 deelnemers. Mijn Strava zegt later 3.43.30, dus ik weet niet precies wie ik moet geloven. Maar ach, ik ben weer binnen! Samen met Bas eet ik in het zonnetje een kwarkje van de sponsor en een dikke milkshake aardbeien. Die heb ik wel verdiend.

Mijn missie is op de helft. Met mijn 6 marathons heb ik tot vandaag 2770,58 euro binnengelopen voor Merels Wereld en Alzheimer Nederland. Dank jullie wel allemaal, gulle donateurs! Wat gaaf dat het al zoveel is. “Iedere marathon geef ik je één euro meer,” vertelde vriend Robert me gisteren op zijn oprit. Dus ga ik ervan uit dat dit bedrag minimaal verdubbeld zal zijn aan het einde van de rit. Help je nog mee? Elke euro om Alzheimer en longkanker de wereld uit te helpen is er één en wordt zeer gewaardeerd. Ik beloof dat ik enorm mijn best zal blijven doen.

 

 

 

 

 

 

6 marathons, 6 maanden, na 6 weken rust

20190615_202555.jpgNa die 5 marathons snakte ik naar wat rust. Die 5 waren omgevlogen, maar hadden wel een turbulente tijd tot gevolg. Hoe combineer je bijvoorbeeld al die marathons met werk, kinderen, vriendin, buurtkrant maken, buurtfeest organiseren en af en toe ontspannen? Ik had soms het gevoel dat ik 2 levens tegelijk leefde. En hoe houd je je lichaam fit met al die activiteiten, dat vele rennen, het nog niet ideale sportgewicht en een wrakke enkel? Ik had echt effe tijd nodig om alles op een rijtje te zetten.

Die rusttijd kreeg ik: 6 weken tussen Lelystad en Amersfoort. Tijd om te bezinnen – en om all of the above toch gewoon te blijven doen. De 12 marathons-excercitie is zwaarder dan ik dacht, zo blijkt. In mijn overmoed dacht ik dit wel even te fixen. Zo makkelijk is het dus niet. Lichaam en geest gaan duidelijk in stretch mode. Lopen buiten de comfort zone.

Of ik te ver gestretchd ben of sterker uit de strijd ben gekomen? Morgen gaan jullie het zien. Twee rondjes van 21,1 km door Amersfoort vormen mijn 6e marathon. Het wordt prima weer en ik heb er zin in. Hier op de bank bij Marinke en Leander (In Leusden,  om de hoek) voel ik de kracht door mijn benen stromen.

Wil je me live en direct volgen? Download dan de Marathon Amersfoort App. Die biedt live tracking! Ik heb nummer 74.

Zo snel mogelijk na de wedstrijd volgt een verslag!